Concurrentiebeding blijft niet in stand

De rechtbank Limburg heeft zich onlangs gebogen over de vraag: Waar beschermt een concurrentiebeding wel en niet tegen?

In deze casus ging het om een timmerman die een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd had bij een aanbieder van chalets en stacaravans. In de arbeidsovereenkomst was een concurrentiebeding opgenomen.

tekst gaat verder onder de foto

De timmerman wil overstappen naar een concurrent en verzocht zijn werkgever het concurrentiebeding op te heffen maar die ging daar niet mee akkoord. Hierop spande de werknemer een kort geding aan met de vraag om het concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk te laten vervallen. De kantonrechter heeft in het voordeel van de werknemer geoordeeld en gaat akkoord.

Dit kan een kantonrechter doen als het hem als waarschijnlijk voorkomt dat de bodemrechter in een bodemprocedure het concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk zal vernietigen. Deze kantonrechter overweegt als volgt:

Concurrerende ondernemingen

Tussen de ex-werkgever en de werknemer is niet in geschil dat het concurrentiebeding rechtsgeldig is aangegaan en dat het ook nog steeds tussen partijen van kracht is. Verder is de kantonrechter van oordeel dat de ex-werkgever een concurrerende onderneming is van de nieuwe werkgever.

Uit de ter zitting is duidelijk geworden dat de nieuwe werkgever een bedrijf is dat zich beweegt op het werkterrein van de ex-werkgever. Hoewel er verschillen bestaan tussen de producten die beiden aanbieden gaat het overwegend om dezelfde doelgroep, personen (of bedrijven) die op zoek zijn naar een kleine behuizing voor recreatieve of (semi) permanente bewoning. Er bestaat geen geschil dat de methode van productie alsmede de specifieke aandachtspunten bij de productie in hoge mate overeenkomen. Ook staat vast dat de nieuwe werkgever binnen de in het concurrentiebeding genoemde straal van 100 km van de vestigingsplaats van de ex-werkgever ligt.

Voldoende belang bij handhaving concurrentiebeding?

Daarmee komt de kantonrechter toe aan de vraag of de ex-werkgever voldoende belang heeft bij handhaving van het concurrentiebeding. Op grond van artikel 7:653 lid 3 onder b BW kan de kantonrechter een concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk vernietigen op de grond dat, in verhouding tot het te beschermen belang van de werkgever, de werknemer door dat beding onbillijk wordt benadeeld. De kantonrechter zal daarom dienen te beoordelen of de werknemer door het concurrentiebeding onbillijk wordt benadeeld in verhouding tot het te beschermen belang van De Bergjes.

Bescherming concurrentiebeding als bedrijfskennis en ervaring in het geding is bij vertrek werknemer

Daarbij moet een onderscheid gemaakt worden tussen belangen, zoals bijvoorbeeld behoud van ervaren en kwalitatief goed personeel en voorkomen dat werknemers weglopen naar de concurrent – waarvan de kantonrechter op zich goed begrijpt dat die voor de ex-werkgever ook een belangrijke rol zullen spelen – en kwesties die het bedrijfsdebiet van de onderneming raken. Alleen in het laatste geval is bescherming door een concurrentiebeding aan de orde (vgl. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 september 2019, GHARL:2019:7739 en de diverse arresten van dit hof die daaraan vooraf gaan).

Verlies ervaren werknemer op zich onvoldoende

Het feit dat een ervaren werknemer naar een concurrent vertrekt, en dus kennis en ervaring meeneemt, is onafscheidelijk verbonden aan dat vertrek en betekent (nog) niet dat het bedrijfsdebiet van de oud werkgever wordt aangetast. In voornoemde uitspraak overweegt het hof:

“Daarvan (aantasting van het bedrijfsdebiet, kantonrechter) zal bijvoorbeeld sprake zijn wanneer de betrokken werknemer door zijn functie op de hoogte is van essentiële relevante informatie of van unieke werkprocessen en strategieën en hij deze kennis ten behoeve van zijn nieuwe werkgever kan gebruiken, waardoor de nieuwe werkgever in de concurrentieslag met de oude werkgever in het voordeel is, of bijvoorbeeld doordat de werknemer zo intensief samenwerkt met bepaalde klanten van de oude werkgever dat deze klanten overstappen naar diens nieuwe werkgever”.

Timmerman beschikt niet over essentiële informatie

Gesteld noch gebleken is dat de timmerman over essentiële, bijvoorbeeld prijs-inkooptechnische, informatie beschikt die de (onderhandelings)positie zal versterken bij het in dienst nemen van de werknemer.

Naar het oordeel van de kantonrechter is evenmin gebleken dat de werknemer over specifieke kennis met betrekking tot unieke werkprocessen beschikt. Voor zover de ex-werkgever in haar chalets en/of stacaravans unieke oplossingen toepast die verband houden met creatief omgaan met de (zeer) beperkt beschikbare oppervlakte is evenmin van een concurrentievoordeel sprake door het vertrek van de timmerman. Dergelijke oplossingen zijn immers voor eenieder waarneembaar en dus na te maken (tenzij de intellectuele eigendom is beschermd). Daarvoor is de timmerman niet nodig.

Geen handhaving concurrentiebelang

Tegen deze achtergrond oordeelt de kantonrechter vooralsnog dat de aan de zijde van de ex-werkgever opgevoerde belangen – hoe begrijpelijk die ook zijn – geen rechtens te respecteren belangen voor handhaving van het concurrentiebelang opleveren.

Anderzijds staat in ieder geval vast dat de timmerman bij zijn nieuw werkgever een aanzienlijke stap kan maken wat betreft zijn maandelijks salaris, een stap die bij de ex-werkgever niet mogelijk is. Alleen daarin ligt al voldoende belang voor de werknemer bij terzijde stellen van het concurrentiebeding. Daarnaast stelt hij dat hij ook leidinggevende taken gaat krijgen, wat bij de ex-werkgever voorlopig ook niet aan de orde zou zijn. Ook hierin ligt een wezenlijk belang voor de werknemer om over te kunnen stappen naar zijn nieuwe werkgever.

Belangenafweging

Naar het oordeel van de kantonrechter dient de belangenafweging vooralsnog dan ook in het voordeel van de timmerman uit te vallen. Dit betekent dat de kantonrechter oordeelt dat voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter het concurrentiebeding zal vernietigen, zodat de primaire vordering wordt toegewezen. Voor de volledigheid benadrukt de kantonrechter daarbij wel dat de schorsing van het concurrentiebeding enkel en alleen ziet op het verbod om bij zijn nieuwe werkgever in dienst te treden.

Tip Persaldi

Laat je er niet van weerhouden om, indien gewenst, een concurrentiebeding op te nemen in de arbeidsovereenkomst met de werknemer. Je ziet wel, in de specifieke casus van hierboven, dat deze niet altijd in stand blijft. Maar indien er helemaal geen concurrentiebeding benoemd staat in de arbeidsovereenkomst heb je geen mogelijkheden om een werknemer er aan te houden.

Of een concurrentiebeding komt te vervallen is dus heel specifiek van de feiten en omstandigheden afhankelijk. Laat je daarom altijd goed informeren. Persaldi werkt nauw samen met arbeidsrechtjuristen en advocaten. Bel voor meer vragen met Rik Dekkers 06-83539511 of stuur een mail op rik.dekkers@persaldi.nl.

Meer actualiteiten

Belastingplan 2022

Belastingplan 2022

Traditiegetrouw wordt op Prinsjesdag het Belastingplan voor het komend kalenderjaar vastgesteld. Wij zetten hieronder de belangrijkste punten op het...

Corona update voor HR

Corona update voor HR

Terug naar kantoor of liever thuis werken? Sinds de periode waarin werkgevers te maken hebben gekregen met Covid19 zijn er diverse maatregelen...