Rik Dekkers

Aanbod vaste uren oproepkrachten

Sinds 1 januari 2020 bepaalt artikel 7:628a, vijfde lid, BW dat een werkgever, steeds als de arbeidsovereenkomst 12 maanden heeft geduurd, binnen een maand daarna aan een oproepkracht een aanbod moet doen voor een vaste arbeidsomvang. Daar waar in dit artikel gesproken wordt over een oproepcontract geldt dit ook voor een min-max contract. Het doen van dit aanbod voor vaste uren maakt onderdeel uit van de Wet Arbeidsmarkt in Balans.

 

Gemiddelde arbeidsomvang

De aangeboden vaste arbeidsomvang moet minimaal gelijk zijn aan de gemiddelde arbeidsomvang in de voorafgaande periode van 12 maanden. Accepteert de werknemer het aanbod, dan is niet langer sprake van een oproepovereenkomst.

Accepteert de werknemer het aanbod niet, dan blijft de arbeidsovereenkomst op oproepbasis en moet de werkgever na iedere periode van 12 maanden opnieuw een aanbod voor een vaste arbeidsomvang doen.

 

Wijziging

Na inwerkingtreding van de Wet arbeidsmarkt in balans is gebleken dat er onduidelijkheid is ontstaan door deze bepaling, omdat niets wordt geregeld over de ingangsdatum van de vaste arbeidsduur.

Daarom wordt in de nota van wijziging op de Verzamelwet SZW 2021 voorgesteld om artikel 7:628a lid 5 BW op de genoemde punten te verduidelijken.

Door de voorgestelde wijzigingen wordt volgens de toelichting bij de nota van wijziging ‘zowel aan de werknemer als de werkgever een helder handelingsperspectief geboden‘. De voorgestelde regeling sluit aan bij de oplossing die ook in de literatuur is voorgesteld.

In dertiende maand

De bepaling schrijft al voor dat de werkgever na 12 maanden binnen een maand, dus in de dertiende maand, een aanbod moet doen voor een vaste arbeidsomvang. Deze maand kan de werkgever gebruiken om voorbereidingen te treffen om zijn bedrijfsprocessen op de nieuwe situatie aan te passen – als de werknemer het aanbod accepteert – en het aanbod voor te bereiden.

 

Eerste dag vijftiende maand

De regering vindt het wenselijk dat de vaste arbeidsomvang zo snel mogelijk daarna ingaat. Een maand acht de regering daarvoor een wenselijke termijn. Dat betekent dat de vaste arbeidsomvang ingaat uiterlijk na twee maanden nadat de arbeidsovereenkomst 12 maanden heeft geduurd, dus op de eerste dag van de vijftiende maand. Daarom wordt voorgesteld om de aanvaardingstermijn van de werknemer op 1 maand te stellen.

 

Voorbeeld

Een werknemer is op 1 september 2020 in dienst getreden als oproepkracht op basis van een arbeidsovereenkomst voor de duur van 12 maanden. Op 30 augustus 2021 is hij dus 12 maanden in dienst. Dat betekent dat je de oproepkracht vóór 1 oktober 2021 een aanbod voor vaste uren moet doen. Dat aantal uren moet minimaal gelijk zijn aan de gemiddelde uren die zijn verloond in de periode van 1 september 2020 tot en met 30 augustus 2021. Accepteert de oproepkracht het aanbod, dan moeten de vaste uren uiterlijk op 1 november 2021 ingaan.

Accepteert de werknemer het aanbod met vaste uren niet? Dan blijft de werknemer oproepkracht voor de komende 12 maanden. Na afloop van deze twaalf maanden moet je de werknemer opnieuw een aanbod doen voor vaste uren. Het is, net als een verjaardag, een jaarlijks terugkerend fenomeen.

 

Urenaanbod vastleggen

Ik kan behulpzaam zijn bij opstellen van het urenaanbod en het vastleggen van de keuze van de oproepkracht. Vervolgens kan dit getekende document worden toegevoegd aan het werknemersdossier in Loket.nl. Indien je regelmatig een urenaanbod moet doen is het ook mogelijk het document automatisch vanuit Loket.nl te genereren. Neem hierover contact met mij op voor de mogelijkheden.

 

Melding in Loket.nl

In mijn salarissoftware van Loket.nl krijg je automatisch een mail met het signaal om de oproepkracht een aanbod te doen voor vaste uren. Zo verkleinen wij de kans dat vergeten wordt dit aanbod te doen.

 

Loonclaim tot 5 jaar na dato

Als jij het als ondernemer nalaat om een oproepkracht een aanbod voor vaste uren te doen, kan de medewerker een loonclaim indienen. Dit hoeft niet direct; het risico kan lopen tot wel vijf jaar na dato.

Stel: een medewerker heeft recht op een aanbod van 20 uur per week, maar je vergeet of verzuimd dit aanbod te doen. En de oproepmedewerker werkt daarna gemiddeld maar 15 uur per week. Dan heb je na een jaar al de mogelijkheid om aansprakelijk te worden gesteld voor een nabetaling van 260 uur. Na 5 jaar is dit ineens 1.300 uur geworden. Stel dat de oproepkracht 10 euro bruto per uur verdient, dan ben je verplicht om na die 5 jaar € 13.000 euro te betalen.

 

Tip Persaldi

Beperk een toekomstige schadelast dus doe jouw oproepkracht(en) iedere 12 maanden een voorstel voor vaste uren. Niet iedere oproepkracht zit zelf ook te wachten op vaste uren waarbij hij, of zij, ook kan worden ingeroosterd met opkomstverplichting. Het voorzetten van de oproep of min-max overeenkomst geeft dan voor beide partijen flexibiliteit.

Neem bij vragen contact met mij op via rik.dekkers@persaldi.nl of telefonisch op 06-83539511